Lamprei

Wat een prachtig woord. Lamprei. Proef het op je tong. Langzaam uitspreken: l a m p r e i . lekker he. Weet je wat het betekent: jong
konijn. Moer of voedster is een moeder konijn, ram of rammelaar is de vader en daar komt dan dat verrukkelijke jong: lamprei.

Lekker, gestoofde lamprei met prei. Hé nee, dat klinkt niet. Nee, nee, gestoofde lamprei met peultjes. Dat is beter. Dat de lamprei gestoofd
moet worden staat voor mij vast. Gebakken lamprei, of gegrilde lamprei, nee, dat is niets. Gestoofde lamprei. Alhoewel knapperig gegrilde lamprei-oortjes waarschijnlijk niet te versmaden zijn.

Wij hebben ooit eens een konijnennest gehad. De kinderen hadden twee enorme witte Vlaamse reuzen waarvan ons verzekerd was dat het
dameskonijnen waren. Zaten gezellig in hun hoge hok. Naast het hok was een grote gazen kooi waar ze tot 1.50 diep in de grond konden graven. Vanaf de zijkant van de kooi liep een trappetje naar beneden en dan zag je ze hup, met dat kittige staartje naar boven gekeerd de grond in verdwijnen. Soms samen, soms alleen. Hun heilige verstopplek. Wij kwamen daar nooit aan. Maar op een dag was een van de konijnen wel heel lang weg.

Bij het voorzichtig graven stuitten we op een plakje wit konijnen bont. Alsof een konijn daar z’n bontjasje had uitgetrokken. Een dikke laag witte konijnenhaartjes met wat grond ertussen. Wat hadden ze hier nou toch
gedaan? Verder graven, heel voorzichtig en toen oh, mijn god, vijf pasgeboren konijntjes. Vijf lampreitjes, zo gezegd. Wij als een gek iedereen bellen die iets van konijnen zou moeten weten. Niet aankomen, voorzichtig dichtmaken, zei de dierenarts. Vader weghalen, zei een fokker, want die eet ze op. Boeken, wat zeiden boeken: over dit speciale geval helemaal niets. Ok. Maar wie was de vader en wie was de moeder van deze twee dameskonijnen. Een kenner kwam aangesneld en haalde de boosdoener uit het hok. Gat heel voorzichtig toedekken, zodat het niet in zou storten. En vooral niet aan die lampreitjes komen. Nee, nee.

Duizend verontschuldigingen aan moeder konijn. Dit hadden we immers niet geweten.

Maar het is helaas slecht afgelopen met de vijf lampreitjes. De moeder nam ze stuk voor stuk mee naar boven in het hok en we vonden ze later
dood in het geurige hooi liggen.

We hebben ze niet gestoofd en de oortjes waren nog te klein.

Den Haag, 21-4-08