De beroemde schrijver

Werner had McK gevraagd een stukje te schrijven ter ere van de vernieuwde website. Nou, dat hebben we geweten. Ze is onuitstaanbaar op het ogenblik.

Als ik vraag: “McK ga je mee uit” blijft ze op haar bankje liggen peinzen: “Wacht even, ik heb net wat inspiratie.”

Ze is er ook anders door gaan lopen. Haar schouders breed en deftige stappen. Op straat vroeg een buurvrouw: “wat is er met je hond? Ze loopt er bij of ze de loterij heeft gewonnen.” Fluisterend vertelde ik haar
over de schrijfkunst van McK. In plaats van te gniffelen boog ze voorover,
klopte McK op haar schouders en zei: “wat ben je toch een knappe hond. Stukjes schrijven. Toe maar.”

McK barste bijna uit elkaar van trots.

De volgende keer als Werner zoiets vraagt zeg ik gewoon dat ze een “writer’s block” heeft.

Den Haag, 10-9-11

Stofdoeken en andere zaken

Al vanaf het begin dat McK hier is raakt ze helemaal in vervoering als onze hulp Wil binnenkomt. Alles wat Wil doet vindt McK spannend en wil daaraan meedoen.

Met de stofdoek overal overheen. McK raakt door het dolle. Daarna komt de stofzuiger aan de beurt: McK gilt het uit. “laat mij dat doen, laat mij dat doen.”

Ze is dan niet tot andere gedachten te brengen. Als Wil de ramen zeemt, doet McK aan de andere kant mee. Ze is dan ook bekaf als Wil om 12 uur weggaat: “So dan, dat was werken zeg.”

Maar het is wel vervelend. We proberen het altijd maar ze is niet voor rede vatbaar en is een ster in het afpakken van de stofdoek. Dus, gaat ze gewoon aan de riem als Wil er is. Ik heb van alles geprobeerd maar niets helpt. Ze hoort me gewoon niet. Kijk als ik een stofdoek in mijn hand heb is ze net zo gek hoor, het zit hem in de stofdoek, de stofzuiger, de spons, de zeem. Ze wil gewoon alles hebben wat je in je hand hebt. Verder is het een superhond maar hiermee is ze vreselijk. En ik weet niet hoe ik het haar kan afleren. Hoe is dat dan begonnen zeg je? Gewoon, vanaf dag 1. Als ik een bezem in mijn hand had om de tuin te vegen beet McK in de bezem en gilde het uit: “Geef hem aan mij, geef hem aan mij.”
Vond ik niet goed, maar ze deed het toch. Stofdoek hetzelfde. McK houdt er gewoon van het middelpunt te zijn

We willen haar nu via een uitzendbureau uit huis plaatsen: “goed werkhuis gezocht voor kleine terrier. Is een meester in het hanteren van spons, zeem, bezem, stofdoek, stofzuiger en andere zaken. Hebt u belangstelling dan kunt u schrijven naar: McKiffy, Stille Veerkade 32, 2512 BG Den Haag.

Den Haag, 20-9-11

Dream on….

Toen McK hier net was dacht ik nog: ik leer haar wel haar eigen speelgoed opruimen. Nu, twee jaar later weet ik dat dat niet helemaal
gaat lukken. Sterker nog: Ik ben McK’s huishoudster geworden.

McK is uitgegroeid tot een eigenzinnig hondje. Ik hoorde Martin Gaus eens zeggen: “de moderne hond is een stukwerker. Hij doet niets
zonder dat daar iets tegenover staat.” Volgens mij heeft hij het toen al over McK gehad.

McK is moeilijk te trainen dus heb ik mijn eisen wat bijgesteld. Commando KOM VOOR. McK kijkt om zich heen. “Wat, Wie moet er
voorkomen. Trouwens voorkomen, wat is dat???”

Als ik  een snoepje in mijn hand heb en roep KOM VOOR rent ze naar me toe, stort zich op haar billen en eist haar beloning op. Als het een snoepje blijkt te zijn  wat ze niet lust pakt ze het wel aan en laat
het vervolgens, bijna onmerkbaar, uit haar mond vallen. “Sorry, niet mijn merk.”

Ik ben natuurlijk begonnen met belonen toen bleek dat McK daar toch wel iets gevoelig voor was en ook omdat ze geen commando opvolgde als
er niets tegenover stond. Ik ben daar zelf in de fout gegaan. Ik had voet bij stuk moeten houden en zeggen: Kom voor. Ja, en dan. Zo’n hond die je dan aankijkt met een gezicht van: Waar heeft ze  het over?

Ik heb in het verleden wel eens opschepperig geschreven over
wat ze allemaal al kon. Dat was toen ook zo. Maar op een dag werd het allemaal anders. “Ik ben nu volwassen en weet zelf wel wat ik moet doen en dat hoef jij me niet de hele dag te vertellen.” En eerlijk is eerlijk: ik vind dat wel komisch. Zo’n klein speelgoedhondje dat haar eigen regels heeft.

 

Den Haag, 20-9-11

Een vieze hond is een gelukkige hond……

En daar hou ik me dan maar aan vast. McK ziet er af en toe zo vreselijk goor uit. Vanmorgen waren we in de tuin; het regende pijpenstelen en de grond was lekker modderig. De honden trekken zich daar niets van aan en rennen, ravotten en graven alsof het een mooie lentedag is.
Omdat ik mezelf vandaag niet in de regen en wind naar het bos zag gaan doe ik dan op zo’n dag wel een uurtje tuin met McK. En het is aan haar besteed, zeg nou zelf.

Heerlijk: gepaneerde hond

Den Haag, 3-9-10

Het potlood gaat rond

Laat me ons even voorstellen:
Paul en Maria Klawer, de trotse eigenaars van McKiffy – teefje geb. 16-8-2009 – fokster Margot Pallas

Wij zijn multimiljonair en Paul is ook nog eens een prins. Ik ben slechts een spender. Mijn leukste bezit is een kast met 106 paar Prada’s. Wij hebben een drogisterijketen en werken al lang niet meer. We hebben een groot, eigenlijk enorm groot landgoed in Wassenaar maar daar zijn we niet zo veel, we zitten meer in het buitenland in een van onze andere huizen………..

Sorry, toen ik toezegde dit keer “het potlood gaat rond”  (een rubriekje in het blad van de Nederlandse Lakeland Terrier Club) te verzorgen dacht ik er helemaal niet aan dat het eigenlijk om de eigenaren van de honden gaat i.p.v. om de honden. Maar wie is er nu in geïnteresseerd in het bovenstaande. Wie kan het wat schelen? Dus, als je het niet erg vindt, heb ik het niet over ons maar over McKiffy, McK, alias Kees maar ook wel Jan genoemd.

Wij hadden al een tijdje geen hond meer. We wonen nu in de binnenstad van Den Haag en dat is eigenlijk geen plaats om een jonge hond op te voeden. Waar moet je een pup uitlaten? Waar moet je wandelen? Hoe ga je met al die gevaarlijke pitbulls om? Nee, we nemen geen hond meer. Maar….. we gingen vorig jaar 14 dagen met onze dochter en haar man + een 1 jaar oude airedale reu, genaamd Spitfire, op vakantie en toen waren we verkocht. Elke dag met dat brok plezier op het strand wandelen en spelen: na die vakantie wisten we het zeker: wij willen weer een hond. We hadden er natuurlijk al lang over gepraat: als, ALS, we weer een hond nemen wat voor ras dan?  Onze laatste hond was een Hollandse Smous, genaamd Piet. In de 11 jaar dat ze bij ons was hebben wij vaak bedacht dat we wel enorm geboft hadden want niet alle Smousjes bleken even leuk. Maar wij hadden toevallig de Supersmous getroffen. Daarom besloten we een totaal ander ras te nemen. Maar wat dan? Langzaam werd het duidelijk: het moest een terrier worden, niet te groot want hij moet wel in een fietsmandje achterop, geen erg populair ras wat doorgefokt is, harig, ja, hoog op de benen: eigenlijk een kleine airedale.

Dochter Jacobine kwam met de oplossing: heb je al eens bij de Lakelands gekeken. “Nee, sterker nog, ik heb volgens
mij nog nooit een Lakeland in het echt gezien.” Ik ging op sites kijken, spitte alle boeken nog eens door en wist dat we het ras gevonden hadden. Ze hadden alles wat ik zo leuk vond aan een hond en ik kon niets vinden wat ik minder vond. Dus meldde ik me aan bij de
pupbemiddeling van de NLTC. Margot Pallas moest me helaas vertellen dat er op dat moment geen pups beschikbaar waren. Wanneer dan wel? Ja, er zat wel iets aan te komen. Maar hoe lang zou dat gaan duren? Geen idee. Er zat niets anders op dan geduldig te wachten tot er weer ergens pups waren.

En toen, op een zaterdag in oktober 2009 kwam er een mailtje van Margot. Ze had een teefje aangehouden uit het laatste nest maar wilde toch liever een rode teef en of we nog interesse hadden. Met foto’s er bij. Ik mailde de foto’s door aan
Jacobine met de tekst: als het de rechter hond is doen we het. Die zondag zijn Paul en ik bij Margot gaan kijken; het was de rechter pup op de foto en ze had dezelfde kleuren en tekening als een Airedale. We besloten meteen: we nemen haar mee.                                                     Tijdens de reis zat ze op schoot. Daar zat ik dan met dat kleine hoopje bont met van die leuke lapjes op haar kop. Toen we thuiskwamen had zoon Chrispijn de kamer versierd: Welkom McKiffy. Het was allemaal zo snel gegaan dat we nog geen naam voor haar hadden. We hebben daarna heel veel namen geprobeerd maar McK is altijd blijven hangen, so Mck it will be en zo stapte McK dus ons leven binnen.

Vanaf het begin was het een vrijmoedig hondje. Nergens bang voor en zeer onderzoekend. Het is hier buiten altijd lawaai. Brandweer-, politie- en ambulance-sirenes behoren bij het dagelijks leven in de binnenstad. In het begin bleef ze even zitten als ze iets nieuws hoorde, maar na een paar weken liep ze als een volleerde stadshond vrolijk mee.

Zodra ze haar volledige inentingen had gehad zijn we met haar naar het bos gegaan. Mijn vraag was altijd aan de eigenaren: “zijn de honden aardig voor een pup?” en zo ja, dan lieten we haar los. In het begin met bonkend hart. We hebben het 3 keer meegemaakt dat de hond, ondanks de verzekering van de eigenaar dat hij reuze aardig was, dat absoluut niet was, maar er is nooit iets onherstelbaars gebeurd. Dan pakten we
haar gewoon op en liepen door.

Als we met Spitfire en McK wandelen is dat een erg leuk gezicht. Zoals Jacobine zegt: Het is een leuk “setje”. Ze zijn dol op elkaar en die grote sterke, vaak nog wilde Spitfire is o zo voorzichtig met meisje McK. We hebben McK  nu 7 maanden en we zijn aardig aan elkaar gewend. Ze ziet er uit als een speelgoedhondje, maar vergis je niet: het is er één met haar op haar tanden.

Ze speelt met allerlei soorten honden. Dat heeft voor- en nadelen. Het voordeel is dat ze altijd wel een hond tegen komt om mee te rennen, te zwemmen of te spelen, het nadeel is dat het soms erg onbehouwen (wel aardige) honden zijn die McK zo af en toe helemaal onder schoffelen. En dan is het natuurlijk toch een klein ras en vrij tenger gebouwd.

Door al dat spelen en rennen is McK een echte bodybuilder geworden. Ze bekijkt de wereld met een zonnige blik, heeft veel vrienden gemaakt, zowel mensen als honden. Bij ons in de buurt wordt ze “Bobbie” genoemd. Misschien hebben we wel een periode gehad dat we
haar Bobbie noemden, kan, en is dat blijven hangen. Maar goed, dan loop je dus op straat met je hond en zeggen mensen: “he, Bobbie, lekker aan het wandelen?”
Vroeger zeiden ze mij gedag, nu de hond.

Volgens mij hebben wij weer een Superhond getroffen.

Maria Klawer

Den Haag, 3-6-10

Hondenborrel

Ik had de groep honden/mensen waarmee McK en ik een paar keer per week wandelen uitgenodigd voor een borrel. Op 3 mei was het dan zover. We hadden om halfzes bij ons thuis afgesproken en prompt halfzes ging de bel. Ik had handenvol pensstaafjes in de lange gang uitgestrooid. Verder stonden er bakken met speelgoed van McK en ook daarin
zaten allerlei botten verstopt.                                                                  McK was zeer verheugd. Normaal vindt ze het al leuk als de bel gaat: spannend maar dit had ze natuurlijk nog nooit meegemaakt. Bezoek voor haar. Verheugd danste ze naar binnen: kom jongens, hier woon ik, hier is mijn speelgoed, pak maar, hier is mijn bench, hier is mijn hondentroon en hier liggen botten. De honden stortten zich op de botten en McK deed vlijtig mee. Er stonden enorme bakken water en af en toe dompelde een hond zijn kop daarin om even af te koelen. Het was spelen, dollen, af en toe een grom maar nooit vechten of ruzie. McK vond werkelijk alles goed en de gasten gedroegen zich keurig. Ze vonden het duidelijk erg leuk. Ook wij mensen vermaakten ons prima. In het begin waren mijn vrienden nog wat nerveus: kunnen ze niet dit kapot maken of dat maar steeds stelden wij ze gerust: er kan hier niets kapot. Grote hilariteit toen Bonnie, een grote jonge duitse herder teef probeerde in de bench van McK te kruipen. Alleen haar kop paste er in. Er gingen wat honden naar huis en langzaam kwam er rust over de overgebleven honden. Het spelen werd slomer, sommige lagen zelfs te slapen, alleen McK bleef op haar post. Ze bleef de ronde doen. Alsof ze tot de allerlaatste minuut hiervan wilde genieten. Een partijtje om nog eens te doen.

Den Haag, 3-5-11

 

 

Jarige McKiffy

Mck werd 16 augustus 2010 1jaar. We hebben gevraagd of ze het wilde vieren maar nee, dat vond ze te druk.
Rond 20 juni werd ze loops en het leek net of haar jonge- hondentijd daarmee voorbij was. Ze speelde niet meer in de tuin met de andere honden en in het bos ging ze wel met opgeheven staart naar honden toe, soms even spelen maar dan…nee, toch maar niet, die hond is een beetje druk. Ik heb me suf gepiekerd hoe dat nou zou komen. Zo’n fitte, drukke hond, altijd overal voor in en ineens was dat afgelopen. Maar…. 17 augustus was er een ommekeer. Ze kreeg weer wat meer interesse in andere honden en ze begon ook weer te spelen. Zou ze dan ziek
geweest zijn? Maar al die tijd zag ze er goed uit, at goed en in huis spelen ging gewoon door. Wat is er dan aan de hand geweest?

Ik weet het niet: McK is back zullen we maar zeggen.

Den Haag, 3-9-10

 

Mag ik me even voorstellen: McKiffy

Er is (ahum) mij gevraagd om  even een aardig stukje te schrijven voor de nieuwe site van Werner en Jacobine.

Ik ben een Lakeland Terrier van 1 jaar oud. Ongeveer tien maanden geleden ben ik bij Paul en Maria ingetrokken. Ik zocht een huis, zij kwamen langs en ik vond ze wel ggrrappig. Dus ben ik met ze meegegaan. En ik moet zeggen: het valt niet tegen. Er zijn een paar vervelende dingen: dat ik de enige hond in huis ben (maar eerlijk gezegd heeft dat ook vele voordelen) en dat er geen kat is. Een kat kun je africhten om lekkere dingen die op het aanrecht liggen naar beneden te gooien en je kunt een kat overal de schuld van geven. Maar het is niet anders dus ik doe nu springoefeningen zodat ik zelf op dat aanrecht kan komen.

Ik woon in Den Haag – het oude centrum. Het is daar enorm druk en daarom moet ik altijd aan mijn donkerbruine-leren-riem-met-terrier-hondjes-op-de-halsband lopen. Meer heb ik niet aan.

Als ik mezelf zou moeten beschrijven zou ik dat als volgt doen: een uitgesproken knap voorkomen. Het is net of ik een pakje aan heb van cocosmat met een zwart dekje. Ik ben fijntjes gebouwd, heb een verblindend wit, scharend gebit, een diepzwarte neus, hoog op de benen, mooie voeten en volgens de kenners zijn mijn ogen JE VAN HET! En dan
natuurlijk mijn snoezige kleine flapoortjes en mijn vrolijk gedragen staart.
Omdat ik elke dag sport zijn mijn spieren goed ontwikkeld en zie ik er uit als een body builder.

Ik ben een kleine eter want ik moet op mijn figuur blijven letten. Maria vindt dat onzin en zegt dat ik goed moet eten. Als ik mijn bakjes niet leeg eet krijg ik ook geen hondenkoekjes. Nou, dan niet.

Mijn karakter is bescheiden, zorgeloos en zonnig. Ik heb een goed ontwikkeld stemgeluid, countertenor, en kan erg hard gggrrommen. Mensen denken dan dat ik boos of vals ben en dat is soms erg komisch. Vooral als ik er dan ook nog mijn perfect onderhouden tanden bij laat zien. Maria trekt zich er helemaal niets van aan dus aan haar is het
niet besteed.

Ik hou er van om elke dag een uurtje naar het bos te gaan. Ik laat me er heen fietsen door Maria of we gaan met de tram en soms met de auto. Ik had natuurlijk liever gehad dat het bos om de hoek was maar ik heb me er bij neer gelegd.                                                                                       Sinds ik in Den Haag woon heb ik veel vrienden gemaakt waar ik mee kan spelen. Zowel grote als kleine. Gisteren nog maakte ik kennis met een Welsh Terrier. Mijn formaat ongeveer en die begreep precies hoe ik het wilde: Lekker wild samen rennen, beetje bijten, door het water plonzen en vooral niet luisteren toen we geroepen werden. Ik zei tegen haar: “net doen alsof je niets hoort, de andere kant uitrennen.” Kijk,
dat vind ik dan leuk.

Mijn absoluut favoriete hond is Spitfire. Dat is mijn grote voorbeeld. Als ik voor het raam lig te soezen bedenk ik vaak hoe leuk het is dat ik net een miniatuur Spitfire ben. En natuurlijk plaats twee voor teckel Sien. Daar wandel ik vaak mee. Sien was in het begin een ouwe saaie hond maar die heb ik op weten te voeden. We rennen en spelen nu samen. Maar mijn hartsvriendin is toch wel Bambie. Bambie is een Beagle en ook erg knap om te zien.

Paul en Maria zijn ok maar…..ze kunnen heel streng zijn en dat slaat natuurlijk nergens op. Toch gaat ook dat beter want ik hoor ze steeds minder “NEE” roepen. Ja jongens, dat is gewoon een kwestie van opvoeden.

Mijn naam is zoals ik al zei McKiffy. Ja, hoe krijg je het verzonnen. De naam op mijn stamboom was Halida en dan mijn familienamen nog natuurlijk, maar dat vind ik burgerlijk om die te noemen dus: Halida. Paul, Maria, Chrispijn, Jacobine en Werner vonden die naam niet bij me passen en toen stelde Chrispijn McKiffy voor. Ze besloten dat ze me voorlopig zo zouden noemen en dan ondertussen een beter passende naam verzinnen (en wat dat betekent weet ik eerlijk gezegd niet). Maria noemt me soms dagenlang Teddy of Keesje of Jan en dat baart me zorgen. Zou ze mijn naam niet meer weten? Zou ze vergeetachtig worden? Ik luister dan maar want ik vind het sneu om haar op die vergeetachtigheid te wijzen.

Wil je meer over me weten dan kun je de stukjes lezen die Maria over me schrijft. Zelf heb ik daar de tijd niet voor (ik moet soezen, blaffen, graven, wandelen, sporten) behalve dan deze ene, speciale keer.

Was getekend: McK                                                                               Den Haag, 3-9-10

 

 

 

 

 

McK en de verbouwing II

Ik heb een tijd geleden al geschreven over McK en de verbouwing. Maar vandaag sloeg werkelijk alles.

Het huis van de buren is een tuinmuur van ons. Het onderhoud is voor de buren (gemeente) en die laten zo’n huis dan eerst verkommeren en als het bijna instort gaan ze het opknappen. De wethouder die daar over gaat heeft vast nooit een huishoudboekje gehad. Ik ook niet, maar ik kan zo wel begrijpen dat normaal onderhoud goedkoper is dan deze manier van “onderhoud”.                                                                                             Vandaag werd er een steiger in onze tuin geplaatst t.b.v. de muur die ernstige scheuren vertoonde. Nu is een steiger bij de buren plaatsen al heel wat  voor een hond, maar een steiger opbouwen in je eigen tuin door vreemde mannen is weer een ander paar klompen, om met Joost te spreken.

Ik heb de heren maar op de koffie gevraagd zodat McK even kennis kon maken en dat hielp. “Oh, het zijn de mannen maar…”.  Zo, dat hadden we gehad. Maar een uurtje later was er op straat een hels kabaal: het geluid van zo’n enorme trilmachine die stratenmakers gebruiken om de pasgelegde stenen vast te trillen. Ik dacht dat McK gek werd. Ze had nu aan de ene kant van het huis de steigeropbouw, boren, hameren en kloppen en een gillende zaagmachine en aan de andere kant die
vreselijke trilmachine, wat trouwens een gewoon vorkheftrucje bleek die het zand aansjouwde voor weet ik veel. (misschien wel voor die mottige muur).

Ik heb McK opgepakt en we
zijn weggegaan.

Den Haag, 25-3-10

 

McK heeft een zielige poot

Ik kwam vorige week thuis met McK na een wandeling en toen liep ze een beetje mank met haar rechter voorpoot. Maar ’s avonds was het weer over en liep ze weer normaal dus de volgende dag gingen we naar de tuin om te sporten en toen zag ik haar na een half uur ravotten en rennen weer mank lopen.
Wij meteen naar huis. Dit keer duurde het toch wel de hele avond. Niet dat ze er veel last van had; ze rende gewoon op 3 poten en hield haar zielige poot als een slap takje voor zich, of ze maakte er een stijve poot van waarmee ze iets opzij de nazi-groet bracht. En dat wilden we natuurlijk niet dus heb ik haar een paar dagen rust gegeven. Wel heel kleine wandelingetjes (10 – 15 minuten) aan de riem en niet dat gedol met honden. Met 3 dagen was ze weer helemaal de oude voor wat de poot betreft maar enorm gefrustreerd omdat ze 3 dagen niet met honden had gespeeld. Dus gingen we naar het bos, dat ging goed, nog eens naar het bos, ging weer goed. Toen naar de tuin, niets aan de hand maar gisteren na een boswandeling moest die poot weer in een mitella. Maar na een uurtje geslapen te hebben was ze weer helemaal fit en liep en rende weer door het huis op 4 poten.                                                          Ik ben in elk geval de wandeltijd gaan halveren en ook de speeltijd in de tuin. Ze doet wel heel stoer met grote honden, maar ze weegt tenslotte maar 5 kilo en als er een jonge herder overheen dendert ligt zij mooi onder en vangt alle klappen op.

Den Haag, 2-6-10